| Een impressie van een zweefvlucht |
|
Een zweefvliegtuig heeft geen motor. Het wordt door de lucht gedragen en door een uitgekiend ontwerp kun je, met een snelheid van zo'n 90 km per uur, zo'n vier kilometer vliegen ten koste van 100 meter hoogte.
Het leukste van zweefvliegen is als je thermiek hebt. Er stijgt een kolom lucht op omdat die warmer is dan de omgeving. Als je daarvan gebruik maakt kan je stijgen tot soms wel 2000 meter en dan begint weer het langzaam zakken. Maar je weet niet waar die thermiek is, in elk geval niet op de plek waar het vliegtuig aan de grond staat. Je moet dus eerst hoogte krijgen, en dan pas kan je thermiek gaan zoeken. Om hoogte te krijgen gebruiken we een lier. Een staalkabel van anderhalve kilometer lang wordt met een flinke snelheid om een spoel gewonden. Je stapt straks in een tweezitter. Op de andere plaats zit een ervaren vlieger die de vlucht uitvoert en jou verdere informatie geeft. Je hoeft alleen maar te genieten! Om te beginnen krijg je een parachute aan. Alle vliegers van de Gelderse dragen een parachute, als veiligheidsmaatregel. Dan het instappen, even een partij klimmen, maar tot nu toe is het iedereen (met enige hulp) gelukt deze hindernis te nemen. We helpen je met het vastmaken van de riemen. De vlieger neemt nog even een paar dingen met je door; wat voor instrumenten zijn er te zien, welke bedieningsorganen en knoppen er zijn en waar je beter niet kunt aan komen. (Roken is trouwens ook verboden). Dan gaat de kap dicht. De vlieger doet nu de cockpit-check; hij/zij neemt nog even alle belangrijke punten door, kijkt of alle meters staan zoals ze moeten staan en of alle stuurorganen werken zoals het hoort. Dan wordt de kabel aangehaakt (gele knop). De tiploper houdt de vleugeltip horizontaal. De vlieger steekt een duim op als alles in orde is om te vertrekken. Dan steekt de tiploper een arm omhoog. Strak trekken! Op de toren drukt iemand op een knop; het licht knippert. Anderhalve kilometer verder geeft de lierman voorzichtig gas. De kabel komt langzaam in beweging. Staat die strak, dan; arm omlaag, vol licht, vol gas, en daar gaan we! Het vliegtuig komt los van de grond, en na zo'n 50 meter gaat de neus wat steiler, tot een hoek van 45 graden. We stijgen! Misschien ken je dat van een lijnvliegtuig, dat gevoel in je maag, en wat luchtdrukverschil in je oren. Ook een beetje spannend... Na zowat een minuut (het lijkt veel langer) is het vliegtuig boven de lier aangekomen. Dan is het tijd te ontkoppelen. De vlieger legt het vliegtuig vlak, (dat voel je in je maag, lijkt op de lift als je boven bent) en trekt aan de gele knop. Heb je geluk, dan zie je de variometer uitslaan. De vlieger probeert in de stijgende lucht te blijven en gaat dus rondjes vliegen. In een bocht maakt een vliegtuig helling. Op de fiets doe je dat ook. Sommige mensen vinden dat in een vliegtuig niet prettig, of worden misselijk. Zeg dat gerust tegen de vlieger, dan maakt hij/zij minder steile bochten of maakt de vlucht verder zonder gebruik van thermiek af. Door thermiek kan de vlucht verlengd worden, soms urenlang. Voor deze gelegenheid beperken wij de vliegduur tot ca 15 minuten. Vindt de vlieger geen thermiek, dan komt na enkele minuten al de landing in zicht. Net als in de grote luchtvaart, start en landt het vliegtuig tegen de wind in en wordt een "circuit" gevlogen. Daarmee weten alle vliegers en iedereen op de grond wat er gebeurt en kan iedereen veilig landen. Eigenlijk net als in het wegverkeer, alleen staan er in de lucht geen witte strepen. De landing begint in de omgekeerde richting van de start: het rugwindbeen. Daarna het dwarswindbeen, hier past de vlieger vaak de hoogte aan met behulp van de kleppen (komen uit de vleugels). Tot slot, het woord zegt het al, het final. De vlieger zorgt met knuppel en kleppen dat het toestel netjes op het landingsveld aankomt. Vlak boven de grond gaat het horizontaal vliegen; Afronden. Dan zakt het vliegtuig door. Hobbelend gaat het over het landingsterrein en komt het vliegtuig tot stilstand. Uw luchtdoop! Vond u het leuk ? Bij de GeZC verder vliegen kan met een vijf-rittenkaart of een lidmaatschap. |
| Volgende > |
|---|


Je stapt straks in een tweezitter. Op de andere plaats zit een ervaren vlieger die de vlucht uitvoert en jou verdere informatie geeft. Je hoeft alleen maar te genieten! Om te beginnen krijg je een parachute aan. Alle vliegers van de Gelderse dragen een parachute, als veiligheidsmaatregel. 


